Op een boottocht over de Waal opperde ik tegen mijn vader dat ik misschien wel add had. De chaos in mijn hoofd saboteerde namelijk geregeld dagelijkse taakjes zoals koken - en daarmee mijn zelfvertrouwen. Hij schudde glimlachend zijn hoofd. “Je bent wie je bent en dat is ok. Iedereen is immers anders”. Goedbedoeld, maar het deed toch pijn. Ik voelde geen erkenning voor mijn worsteling. Dat ik inderdaad ‘anders’ was bleek wel toen ik ook nog last kreeg van depressies, manies en psychoses. Er zijn trouwens heel veel mensen ‘anders’. Mijn huisarts heeft elke dag te maken met mentale problemen. Maar liefst 20% van de Nederlanders is neurodivergent, heeft adhd, depressie, autisme, narcisme, hoogbegaafdheid, angststoornis, schizofrenie, borderline, tourette etc. “Die is niet goed wijs”, zeiden we vroeger.
Toch ben ik wel blij met mijn etiketten ‘adhd’ en ‘bipolaire stoornis’. Ik kreeg er immers hulp door, medicatie, therapie. En ook meer begrip. Het maakt het makkelijker om uit te leggen waarom ik soms afhaak, waarom ik structuur nodig heb. Medicatie helpt, maar minstens zo belangrijk: buiten zijn, bewegen, routines, ritme, alleen-zijn. En aangeven wat ik wel en niet kan: “Ik kan nu even geen gesprek voeren, dit stadsverkeer vraagt al mijn aandacht.” Wie deze hulp niet krijgt, kan gruwelijk afglijden: 90% van de daklozen heeft psychiatrische problematiek. En achter veel zelfmoorden schuilt neurodivergentie. Een Duitse copiloot met depressies joeg zelfs al zijn 150 passagiers mee de dood in op een berg in Frankrijk. Labels zijn dus niet alleen nuttig voor de persoon zelf.
Een label heeft ook nadelen. Je kunt je maatschappelijk afgeschreven of in een hokje klem gezet voelen; je kunt je erachter verschuilen of er te vaak vanuit gaan dat de omgeving zich wel aan jou aanpast. Terwijl het juist om de balans gaat. Neem een druk feestje of vergadering. Dat is vaak zo intensief voor mijn hoofd dat ik al na een uur een kwartiertje moet wandelen om mijn hersens weer wat rust te gunnen. Accepteren anderen dat of kan ik vragen om een korte vergadering? Het is zoeken naar een leefbaar compromis.
En zo kom ik weer terug bij mijn vader. Er zijn best mensen die zich redden zonder etiket, maar veel anderen gaan dan kopje-onder. Soms heb je houvast nodig. Structuur en steun. Geen keurslijf, maar wel een anker. Een label kan daarbij helpen, zolang het niet je identiteit opslokt.
Reacties?