De kinderen van vrienden en familie hebben afgelopen maanden massaal het nest verlaten en zijn één voor één hun toekomst ingevlogen. Ze zien het helemaal voor zich. Ook al hebben ze geen idee wat ze willen worden, toch weten ze precies wat ze willen: van betekenis zijn, rijk worden, uitblinken, dat soort dingen. De onbesuisde ambitie is jaloersmakend leuk, vooral omdat hun toekomst nog groot en elastisch is.
Tegelijkertijd is die focus op succes ook verontrustend. Twee weken geleden kwam de Raad voor Volksgezondheid & Samenleving met de waarschuwing dat Nederlanders steeds meer onder mentale druk komen te staan omdat “prestatiedruk, versnelling en individualisme zijn doorgeschoten en het welzijn van jong en oud ernstig bedreigen.” Steeds meer mensen worstelen met prestatiedruk op school, werk en vrije tijd. We moeten beter en sneller presteren en ons eigen geluk moeten we ook nog zelf regelen. De RVS roept op om op de rem te trappen en samen te werken aan een meer ontspannen samenleving.
Ik roep met ze mee, want zolang uitsloverij is gericht op succes of geldelijk gewin ligt vooral frustratie op de loer. En met degenen die toevallig veel geluk hebben loopt het nog slechter af. Die gaan geloven dat ze hun succes aan zichzelf te danken hebben en vallen ten prooi aan zelfingenomenheid, ijdeltuiterij, pronkzucht, praalziekte en beuzelarij.
Twaalfhonderd jaar geleden waarschuwde Paus Gregorius de Grote hier al voor door Zeven Hoofdzonden af te kondigen: hoogmoed, hebzucht, lust, afgunst, gulzigheid, woede en luiheid. Van al deze zonden spreekt alleen de laatste me aan. Bovendien is het de enige zonde die ook iets nuttigs in zich heeft. Luiheid is de motor achter de menselijke vooruitgang, want hoe komen we anders aan karrenwiel, stoomtrein en elektrische fiets? Ik heb ook het sterke vermoeden dat er oorspronkelijk slechts zes hoofdzonden waren en dat ‘luiheid’ er achteraf is bijgevoegd door lobbywerk van landeigenaren, slavendrijvers en fabrieksdirecteuren aan de cognactafels van meneer pastoor en monseigneur kardinaal.
In het landsbelang roep ik dan ook iedereen op om alle grote aspiraties in de knop te breken. Laten we iedereen op het hart drukken dat we alleen nog maar doen waar we blij van worden. Eeuwige roem is toch maar van korte duur en rijkdom brengt slechts foute vrienden. In het gunstigste geval word je een straatnaam die niemand meer iets zegt. Ik kan het weten, want ik heb inmiddels al een veelbelovende toekomst achter de rug.