Cok Buijs, al ruim dertig jaar wijkbewoner, was zo’n tien jaar directeur van de toenmalige Woningstichting Nijmegen, later Portaal. Hoe raakt een directeur, die naar eigen zeggen geen verstand heeft van muziek, verzeild in het wel en wee rond de transitie van Doornroosje naar De Basis?
Tekst: Karin Veldkamp, fotografie: Hans Hendriks
Cok is inmiddels al ruim twintig jaar betrokken bij de Nijmeegse muziek. Eind 1999 werd hij op grond van zijn bestuurlijke ervaring benaderd. “Ik werkte nog bij Woningstichting Nijmegen toen de toenmalige wethouder van cultuur vroeg of ik voorzitter wilde worden van Roosje omdat er het een en ander speelde. Ik heb misschien wat ondoordacht ‘ja’ gezegd en zit er nog steeds aan vast”, lacht hij. Inmiddels niet meer aan Roosje, maar sinds 2015 wel aan De Basis, die het gebouw, dat veertig jaar lang dienstdeed als poptempel, verbouwd heeft tot negen studio’s en oefenruimtes waar bands uit Nijmegen en omgeving gebruik van maken. Daarnaast biedt De Basis kantoorruimte aan muziekverwante organisaties, een café en een ‘guesthouse’ voor toerende bands. Afgelopen oktober opende De Basis de deuren.
Serieus geld
“De gemeente draagt wel gebouwen aan voor bands om te oefenen, maar die gebouwen staan meestal op de nominatie voor sloop en zijn dus altijd tijdelijk. Toen het pand leegkwam meldde De Staat zich als geïnteresseerde om het te gebruiken als oefenruimte. Het oude schoolgebouw werd in beheer gegeven aan SLAK Ateliers, maar die konden het zich niet veroorloven om te kopen. De gemeente wilde er niet in investeren en vervolgens werd het idee geboren om de aankoop en noodzakelijke verbouwing via private financiering te bewerkstelligen. Persoonlijk vond ik het een uitdaging omdat je dan onafhankelijk bent.”
Zo gezegd zo gedaan is wellicht te makkelijk gezegd, maar er ontstond een initiatiefgroep, die werd omgebogen naar een stichting en de fundraising ging van start. “We hadden twee miljoen euro nodig, waarvan we zelf zestig procent moesten ophoesten. Dat is serieus geld! We hebben toen een vennootschap opgericht om certificaten op aandelen uit te kunnen geven. Wij haalden genoeg binnen om het pand aan te kopen en de verbouwing te kunnen financieren. Ruim zeshonderd mensen, voornamelijk Nijmegenaren, hebben door certificaten te kopen financieel bijgedragen en dat is ook te danken aan de goodwill die Roosje heeft gekweekt bij de burgers van Nijmegen”.
Muzikale samenwerking
Als we een rondleiding door het pand krijgen is het ‘oude’ Roosje-gevoel meteen aanwezig. De blauwe voordeuren zijn nog net zo sleets als voor de sluiting, via het kleine halletje door de klapdeuren lopen we de gang in met rechts de grote trap naar boven, vroeger voor de garderobe en links het café om vervolgens door te lopen naar de concertzaal. Maar die is er niet meer! De grote zaal en aangrenzende backstage ruimte zijn verbouwd tot studio’s. Overal staat nog bouwmateriaal. Ik krijg de indruk dat het nog lang niet klaar is, maar dat ziet Cok anders. “Het was een puinhoop bij de start. Het gebouw was flink verwaarloosd, het dak lekte en er moest ongelooflijk veel gebeuren. Afgelopen oktober hebben we de Basis officieel in gebruik genomen, maar dat was niet alleen maar een succesverhaal”, vertelt hij droog. “De geluidsisolatie van de studio’s bleek niet afdoende en er worden nu zwaardere suskasten gemonteerd (een ventilatierooster met een verhoogde geluidwering - red.) op de luchtkanalen. Daar zij we nu nog mee bezig. Vandaar al die spullen en rommel”
Het pand herbergt negen studio’s, met overal koffiehoekjes op de gang voor de huurders. “De architect heeft het bewust zo ontworpen om te voldoen aan ons concept. Wij verwachten namelijk dat je als huurder iets met een collega-huurder onderneemt op muzikaal gebied. Dat maakt het spannend om hier te werken. Om dat te stimuleren is deze voorwaarde opgenomen in het huurcontract, dat we voor twee jaar aangaan en wat daarna verlengd kan worden. Alle huurders maken een plan en na die twee jaar kijken we of de ambitie is waargemaakt. We hebben een aanjager om dit proces in de gaten te houden”. Het doet mij goed om te zien dat het oude pand behouden blijft voor de muziekwereld dankzij de inzet van veel vrijwilligers en de betrokkenheid van veel Nijmegenaren. En gelukkig is het oude Roosje niet helemaal weg, want de buitengevel, van onder tot boven bewerkt met graffiti, houdt de geschiedenis levend.