Deze week staat in het teken van het grote bombardement op Nijmegen, 22 februari 1944. In de Wijkkrant van februari staan diverse artikelen hierover, onder andere de oproep om deel te nemen aan de herdenkingen op 21 en 22 februari.
Door Eric Hendriks
In 2019 is het 75 jaar geleden dat Nijmegen door een Amerikaans bombardement in het hart werd geraakt. Geen andere Nederlandse stad van vergelijkbare omvang heeft tijdens de oorlog zo'n zwaar bombardement te verduren gehad. Bijna 800 mensen lieten op 22 februari 1944 het leven. Dit jaar wordt extra stilgestaan bij de herdenking.
Een deel van het historische centrum werd weggevaagd en nabestaanden voelen het verlies van hun dierbaren nog steeds. Nog altijd missen oude Nijmegenaren de historische binnenstad. De generatie die uit eigen herinnering over die zwarte dag in februari kan vertellen sterft uit. Het bombardement wordt meer en meer geschiedenis. In het centrum is de afgelopen jaren de brandgrens van dit bombardement met herinneringsplaatjes van alle slachtoffers gelegd, zie ook de website brandgrens024.nl.
In het bijzondere herdenkingsjaar 2019 wordt extra stilgestaan bij die noodlottige 22 februari in 1944. Tussen 20.00 en 20.15 uur, op 21 februari, gaan vertellers daar bij elk herinneringsplaatje een verhaal vertellen over de slachtoffers. Iedereen zag op die 21e nog een toekomst voor zich. Ze vertellen over de hoop en de verwachtingen van al die mensen. Wie waren het?
Ook zullen op vele plekken langs de route muzikanten en koren een kwartier buiten spelen en zingen onder afdakjes, vanuit cafés en winkels langs de route. We vieren het leven deze avond. Op 22 februari is er vanaf 11.30 uur een herdenkingsprogramma in de St. Stevenskerk en een bijeenkomst bij het monument De Schommel aan de Raadhuishof. Sprekers zijn behalve burgemeester Bruls onder andere burgemeester Aboutaleb van Rotterdam, voorzitter van Nationaal Comité 4 en 5 mei Gerdi Verbeet en staatssecretaris Paul Blokhuis. Om 13.28 uur worden er twee minuten stilte gehouden.
Getroffenen uit Nijmegen-Oost
Er waren toen allerlei getroffenen: Nijmegenaren en niet-Nijmegenaren, kleuters en schoolkinderen, Duitse militairen en NSB'ers, woonwagenbewoners en mensen uit de plaatselijke elite, winkelpersoneel en middenstanders, geestelijken en hulpverleners. Er kwamen acht kinderen uit Nijmegen-Oost om het leven. Op de foto zie je een droevige maar indrukwekkende plechtigheid op het plein voor de Christus Koningkerk, op de kruising Van ’t Santstraat en Dommer van Poldersveldtweg. Voor de kerk staan twee rijtuigen met elk vier kistjes die de lichamen bevatten van acht kinderen.
Een van de slachtoffers is Gerard Bakker, negen jaar oud. Hij kwam terug van school in de stad en was op het verkeerde moment op de verkeerde plaats: op het Kelfkensbos waar hij tegelijk met zeven andere kinderen omkwam. Zijn zusje Mara van acht jaar is bij zijn begrafenis: zij staat rechts onderaan op de foto, goed herkenbaar aan haar puntmuts. Heel veel herinnert zij zich niet meer van de begrafenis. “Het meeste indruk op mij maakte het feit dat de lijkkistjes niet de kerk in mochten tijdens de mis. Ze waren al eerder op de Graafseweg begraven geweest in ongewijde grond en dan kan dat blijkbaar niet meer. Ik kan dit nog steeds niet begrijpen. Na afloop van de mis gingen we in een lange, lange optocht te voet over de Van ‘t Santstraat naar de begraafplaats op de Daalseweg. Daar werden de acht kinderen bij elkaar begraven.”
Kijk voor alle activiteiten rondom de herdenking op nijmegen.nl/nieuws/